De opmerkelijke lezer van mijn columns heeft het vast al gezien, de korte column die vorige week in de krant stond. Ik heb er zelfs al complimenten over gehad. Daar ben ik natuurlijk blij mee, maar het verhaal was nog niet af. Ik heb alleen de inleiding doorgestuurd en de rest nog niet. Daarom nu een herkansing. De column met als onderwerp ‘in gesprek’.

In gesprek gaan, ga met elkaar in gesprek. Deze woorden zijn vaak gebruikt tijdens Koningsdag, 4 mei en 5 mei. En in gesprek ging ik. Het lukte niet elke keer goed. Te beginnen op Koningsdag in ’s Gravenmoer. Aan het begin van de ochtend ging het nog wel. Het gesprekonderwerp was dat er geen oranjebitter was voor iedereen. Dit zorgde misschien voor een bittere nasmaak bij een aantal aanwezigen. Maar het Wilhelmus klonk er niet minder om! Tijdens het koffiedrinken in De Geubel zat ik, met nog twee andere mensen uit Dongen, als een soort ‘Dongense enclave’ aan een tafel. Op de tafel een groot aantal kopjes met oranjesoesjes op een bordje erbij. Er was plaats voor wel acht tot tien personen. Helaas, vijf tot zeven personen kwamen niet bij onze enclave aan tafel zitten. De ene stoel na de andere werd weggehaald, ook de kopjes en de soezen verdwenen langzaam van onze tafel. Gelukkig bleven er nog net drie kopjes en soezen voor ons over, daar hebben we wel voor gezorgd, anders waren die ook weg geweest. Van in gesprek gaan met elkaar was geen sprake. Wij, de Dongense delegatie, gingen natuurlijk wél met elkaar in gesprek. Het was aangenaam gezelschap, op de vroege ochtend van Koningsdag en wij voerden geanimeerde gesprekken. Op dat moment was er geen verbinding tussen Dongen en ’s Gravenmoer: er waren geen gesprekken. We werden compleet genegeerd. Jammer. Gelukkig kwam de voorzitter van de Oranjevereniging wel even bij ons aan tafel zitten. En zoals altijd overlaadde hij de dames aan tafel met complimentjes. En dat maakt zo’n dag toch weer extra leuk.

Ook op 4 mei was ik in ’s Gravenmoer. In gesprek gaan was er die dag niet echt bij. O ja, even met de fotograaf met de vraag of ik zijn foto’s mocht gebruiken voor de krant. Dat mocht. Echt super blij mee. Verder waren er vooral toespraken, prachtige orgel- en vioolmuziek, liederen van een mannenkoor en stilte, heel veel stilte, zoals het hoort op 4 mei. De aanwezigen gingen, in complete stilte, naar het herdenkingsmonument. Ook daar weer toespraken, muziek en stilte, heel veel stilte. Alleen de vogels lieten zich horen. Op zo’n dag is het niet nodig om met elkaar in gesprek te gaan. De stilte schept verbondenheid.

Vijf mei was de eerste Vrijheidsmaaltijd in Dongen. Wat een mooi initiatief. De deelnemers, die elkaar al dan niet kenden, zaten aan een aantal lange tafels vooral te genieten. Op het programma stond, na elke gang van de Vrijheidsmaaltijd: in gesprek. Degene die de avond aan elkaar praatte ging het meest in gesprek. Maar ook aan de tafel waar ik zat, gingen wij met elkaar in gesprek. Het ging eigenlijk overal over: over de missies van de veteranen waar ik mee sprak, over verschillende ‘guilty pleasures’, zoals het elke avond kijken naar de mannen van Vandaag Inside en naar het volgen van j B&B Vol Liefde. Geweldig toch, dat soort gesprekken. Het ging ook over de topping bij de Vrijheidssoep: die ene topping leek toch echt op vogelzaad, vonden wij misschien wat oneerbiedig. De dame naast mij vond het leuk dat zij een Bekende Dongenaar had ontmoet en zij zou aan haar vrienden en kennissen vertellen dat zij de correspondent van het Weekblad had gesproken. Zij vertelde dat zij, na lange tijd in het buitenland te hebben gewoond, sinds een paar jaar samen met haar man weer in Dongen woonde. In een prachtig appartementengebouw. De etages van dat gebouw vormen bij elkaar stapels boeken. Daar moet ik toch nog eens een keer goed naar gaan kijken.

De presentator van de avond ging op een gegeven moment in gesprek met de vrouw van één van onze wethouders. Het ging over allerlei zaken die belangrijk zijn voor vrouwen. De vrouw van de wethouder kon zich daar goed in vinden. Zij vond (onder meer) dat vrouwen prima een eigen leven kunnen leiden. De presentator en zij voerde een geweldig gesprek over allerlei zaken. Deze avond was zij echter ‘de vrouw van’. De wethouder hoorde alles met een glimlach op zijn gezicht aan en zei op een gegeven moment tegen zijn vrouw dat hij de autosleutels had. De presentator vroeg of de vrouw zelf geen auto had. Het antwoord was ‘ja’, maar deze avond was zij meegereden met haar man. Gelukkig hoefde zij niet naar huis te lopen, want dat zou een hele onderneming zijn geweest!

En zo ging de avond door. Op een gegeven moment zag ik een bekende aan een andere tafel zitten zwaaien. Ik had haar al een tijd niet gesproken, en ben bij haar aan tafel gaan zitten om te kletsen. Stom, ik heb het gezelschap waar ik de hele avond gezellig bij heb gezeten, niet eens meer gedag gezegd, ben zomaar weggelopen. Excuses aan alle lieve en aardige mensen met wie ik aan tafel heb gezeten tijdens de Vrijheidsmaaltijd. Ik had op zijn minst gedag kunnen zeggen. Sorry. Dat zal mij niet meer gebeurden. Alsnog bedankt voor de leuke gesprekken en de gezelligheid. Misschien komen we elkaar weer wel eens tegen bij een ander evenement. Tot dan!