Het is nog even wachten, toch nodigt Natuurvereniging Ken en Geniet u nu al uit, nog net voor het carnavalsgebeuren losbarst. U mag de film komen bekijken op het grote scherm in de filmzaal van Cultuurhuis de Cammeleur, op woensdagmiddag 25 februari, aanvang 14:00 uur, zet het alvast in uw agenda. Deze middag neemt Christ Grootzwagers u mee naar het noorden en wel naar Noorwegen, waar tijdens zijn vakantie in 2024 deze film ontstaan is. Christ en Hanny reisden in Noorwegen, zo ongeveer tot het midden van dit mooie land. De film begint met de oversteek van Kiel naar Oslo, een erg mooie overtocht, waarmee het genieten begint. Vanuit Oslo start de eigenlijke vakantie, we rijden noordelijker voor onze eerste bestemming.
De eerste standplaats is Venabu, bij Fjellhotel og Hyter, daar verblijven we in een kleine hut, mooi groot genoeg voor ons twee. Van daar uit maken we diverse wandelingen, de eerste naar het meer Muvatnet. Het is bitterkoud, het gebied drassig en nat, de harde wind maakt het extra onaangenaam. Weer een andere wandeling maken we richting de berg Gravorden, in de verte zien we de toppen van Rondane en Jotunheimen. We zien de eerste goudplevieren, een sneeuwhaas is ons echter te snel af.
We bezoeken de kloof van Dorfallet, ook hier is het moerassig en het pad is bijzonder nat. We bereiken de kloof, maar de oversteek van de beek naar de waterval is net iets te gewaagd, dit door de hoge waterstand. Na een flinke wandeling bereiken we een erg mooi deel, leidend naar het uitzichtpunt Myfallet. Na een klim kijken we op de schitterende waterval. Terug lopend komen we op ons pad nog een adder tegen, zeg maar een toegift.
De tweede week zijn we een stuk opgeschoven naar Vagamo, waar we de omgeving gaan verkennen. Voor we daar aankwamen hadden we al een verschrikkelijk mooi punt bezocht. De Riddersprang, een grote kloof waar een bergstroom doorheen voert. Ooit zou hier een ridder te paard over de kloof hebben gesprongen. Het is een plek met flinke stroomversnellingen en watervallen. We zitten vlakbij het gebied Jotunheimen, waar we enkele tochten maken. Jotunheimen, wat ‘Het Huis van de Reuzen’ betekent in het Noors, is met zijn uitgestrekte 3.500 vierkante kilometer het grootste nationale park van Noorwegen. Gelegen in het hart van de Scandinavische wildernis, verwelkomt het park bezoekers met een overweldigende variëteit aan landschappen. Van imposante bergpieken die de lucht doorklieven tot de glinsterende uitgestrektheid van gletsjers en de serene spiegel van kristalheldere meren, Jotunheimen biedt een ongeëvenaarde natuurlijke diversiteit. Vogels zien we er redelijk veel, maar de mooiste is voor ons toch de roodgesterde blauwborst.
Veel van de mooiste plekken zijn overigens alleen te bereiken door tolwegen, welke onderhouden worden door de plaatselijke bevolking. Zo kun je zo ook het Leirdal in, waar de Leira stroomt. We zien er schitterende watervallen, zoals de Dummafossen. Een dag erna gaan we naar het gebied Valdresflya, bekend om de rendieren die je hier kunt spotten, vaak zomaar langs de weg. Zo hebben we enkele keren de auto in de kant gezet, om de kudde rendieren voorzichtig te benaderen, om de mooiste beelden te kunnen schieten.
De week erna rijden we langs het Lustrafjord richting Kaupanger, het verplaatsen in Noorwegen is op zich al een feest, zoveel is re te beleven langs de weg. Vesterland Feriepark is nu ons uitgangspunt, vlakbij het Sognedalsfjord. Sommige wegen zijn echt een avontuur, zeker als je dan ook nog een keer door enkele donkere smalle natuurtunnels heen moet. Stilletjes hoop je dan, dat je niemand tegen zult komen,
want wie rijdt dan de tunnel achteruit? We bezoeken gletsjers, meren en bergen, lopen langs woeste rivieren en genieten van de natuur. De paden zijn niet altijd even gemakkelijk, vaak moet je van rots tot rots stappen, smalle bruggetjes over en plassen zien te ontwijken. We zitten vlak bij de fjord, dus maken we zowat vanzelfsprekend een bootreis met een ferry, van Kaupanger naar Gudvangen. In het begin was het nog wat druilerig, maar al snel kregen we een zonnig uitzicht. Steile bergen omringen het fjord, met overal watervallen die daarin uitkomen. De terugweg voert over bergwegen, zeg maar weggetjes met vele haarspeldbochten.
Op zondag verplaatsen we weer, deze keer over de Snoveg, de sneeuwweg, dus onderweg genoeg te beleven, met vele sneeuwvelden, maar ook bijzondere planten langs de kant van de weg. Onderweg komen we door maar liefst 12 tunnels voor we in Geilo arriveren, weer een ervaring rijker. We zitten vlak bij de Hardangervidda, een gebied dat we enkele keren gaan verkennen. Zo krijgen we zicht op de enorme gletsjer Hardangerjokulen, niet ver daar vandaan gaan we op stap. Al vrij snel staan we oog in oog met de roodgesterde blauwborst, we zullen er nog meer tegenkomen. Tijdens een korte pauze ontdekt Hanny een dier wat hoger op een heuvel. De kijker wordt erbij gepakt en al heel snel de camera, het is een poolvos. Op de terugweg komen we langs dezelfde plek en zien we er zelfs 2.
Onze laatste trip maken we langs een bergketen, de Hallingskarvet.
Op zondag nemen we afscheid van Noorwegen, er waait een harde wind, dus minder aangenaam op de Ferry. Toch valt er nog wel wat te genieten, zo krijgen we een Jan van Gent mooi in beeld, welke langs de boot blijft vliegen. We genieten van een mooie zonsondergang en graag willen we nu u mee laten genieten.
U mag onze belevenissen komen bekijken in de filmzaal van Cultuurhuis de Cammeleur, op woensdagmiddag 25 februari, aanvang 14:00 uur, graag tot dan.
Natuurman Christ, Natuurvereniging Ken en Geniet
